Een paar weken geleden sprak Threegirls met la gazelle Hannelore Knuts en haar vrienden Tim Vanhamel, Philip Metten en Eva De Leener. Op vraag van Hannelore, die de ELLE/april vorm gaf naar aanleiding van haar tentoonstelling UltraMegaLore in het Hasseltse Modemuseum. Het werd een fijne avond daar in Borgerhout, vol schone woorden gedrenkt in Limburgs geknetter, pintjes en gin-t.
De extra ogen en oren van Hannelore / ELLE april 2010
Ze stond voor de lens van topfotografen en liep modeshows voor de allergrootsten. Hannelore Knuts was jarenlang topmodel, maar dat deed ze niet alleen. Er was muziek voor haar dagelijkse dosis vibes. Er was kunst voor extra zuurstof. En er waren vrienden voor die broodnodige komma in haar jachtige leven. Hannelore is de eerste om te benadrukken hoe belangrijk haar vrienden zijn. ‘Zij hebben me gemaakt tot wie ik ben.’ Haar compagnons de route zijn het kunstenaarskoppel Philip Metten en Eva De Leener, en muzikale brazielnoot Tim Vanhamel. Vier verwante zielen vol bevlogenheid en bravoure. Ze zijn elkaars afgoden en grootste critici.
De koning van het Hanneloredom is met voorsprong Tim Vanhamel. Hij dook op rond haar zestiende, en is sindsdien nooit meer weggegaan. Hannelore: ‘Tim en ik zijn exen, maar best buddies in life. Hij is de beste roller coaster ride die je je kan inbeelden. Het gaat alle kanten uit met hem: overkop, traag naar boven en dan weer supersnel naar beneden. En op het einde wil je nog eens.’ Tim: ‘Allright! Ik wil hier niet te melig worden, maar Hannelore is iemand die altijd zal blijven. Ik ben de eerste die ze belt als haar vliegtuig landt, en omgekeerd. We hebben een half woord nodig om elkaar te begrijpen, of het nu over kunst, mode of muziek gaat. Ik supporter haar door dik en dun, ik sta voor Hannelore.’
(…)
Meer zie ELLE april!
En ja ook Threegirls krijgt blefarospasmische aanvallen van het woord duizendpoot (intro). Dat moest brazielnoot zijn! Of pepernoot of pekkanoot. Eindredactie… Shoot.
Na het interview trokken we op fotoreportage.
Ook warrior Kendell Geers is bevriend met Hannelore. Tijdens een lunch in januari hadden we het over ‘The art of being a muse’, speciaal voor de UltraMegaLore catalogus, uitgegeven door Ludion, vormgegeven door BaseDesign.
The art of being a muse / A conversation between Hannelore Knuts and Kendell Geers
Before you get lost in her head, you have got to know this. Hannelore likes flamenco, indulges herself in yellow every morning at six, and loves riding her sea horses straight into the love Bermuda. Or not. It doesnʼt matter. A muse is beyond facts, what counts are the flames. So donʼt get nervous if you lose ground while walking around in Hannelore, just enjoy the vigour of her muse-being. That is what some famous others have done before too. Fashion icons like Jean Paul Gaultier, Haider Ackermann and Azzedine Alaïa, they all called Hannelore their muse. When artist Kendell Geers – who is sitting in front of her during this conversation – draws her attention to that fact, she gets a bit shy. “I didnʼt plan to become a muse, I donʼt know why I am a muse, I just am who I am and do what I do.”
And then Kendell makes her even more shy. “Hannelore has a very interesting individuality in terms of how she presents herself. She works in the ultimate of male fantasy – although it gets more complicated with all those gay men running around – but manages to stay feminine without losing herself in clichés. She is super-sexy and super-beautiful, but with no need to play the fantasy, nor to pretend to be anything except for what she is. And that makes her so strong. In a way, people like Hannelore – and there are few in the industry – make fashion respectable for me. Still I think the big picture of fashion is empty bullshit, representing everything which is disgusting about capitalism. I have an extreme love-hate relationship with fashion.”
The first time Hannelore and Kendell met, a cornucopia of talking marked the first hours. Followed by an exchange of phone numbers, and some hazy plans to – one day – ʻdoʼ something together. Hannelore describes his energy as pure, honest and “even though his art is a constant this (air boxing in his face), it is not about the shock. He just wants to make you conscious. He has got the poetry (waves in the air) and the common sense (points at the floor). And while you are still busy looking up and down, he already got you there, right in the middle. Wham! And then there is a really good heart too, I immediately felt that. See, Iʼm not afraid of you!” Kendell – smiling back – for his part is utterly fascinated by the idea of the muse, “which in a way is what your exhibition is about. I even think that being a muse is the key to what you represent, and the key to what I as an artist am looking for.”
(…)
Meer zie catalogus!
Hannelore all over dus. En voor de bleekgrijze sceptici: Hannelore is een superfijne gazelle. Très à l’aise Blaise en nog meer cool Raoul. Tsjin!
This is the toy boy (Clooney) I have been working with during the past two years. He gave me hard times in the beginning, but soon we became best friends. Now it’s time for a new track, I’m swapping jobs (that greener grass..). But Clooney and I might meet again one day, who knows. Like Vincent Gallo said, let’s just spend time. Time for an overview of our work together. Below you find some reports I filmed and edited for the fantastic culture website Cobra.be (formerly Klara.be), with intros in Dutch.

Van kunst naar wetenschap, en terug / Cobra.be – februari 2010
Kunst, daar mag je niet aan raken. Dat is magie, ontsproten aan een goddelijke ingeving. Decennialang kleefde dit dogma aan de kunstwereld. De tentoonstelling ‘Parallellepipeda’ zou daar wel eens een einde aan kunnen maken. Met deze tentoonstelling maakt het nieuwe museum M in Leuven meteen een van zijn ambities waar, een bindmiddel zijn tussen de universiteit, onderzoek en kunst. De tongbrekende titel doet vermoeden dat het curator Edith Doove menens is. Wetenschap en kunst samenbrengen is dan ook geen simpele koek. Twee op het eerste zicht parallelle werelden vol stijfkoppen, die elkaar niet nodig lijken te hebben. Julia wou weten hoe die twee elkaar dan toch gevonden hebben. Ze interviewde kunstenaressen Anne-Mie Van Kerckhoven en Wendy Morris, en spraken met experimenteel psycholoog Johan Wagemans over hun samenwerking, dromen, en resultaten.
['Parallellepipeda' loopt van 29 januari tot 25april in M, Vanderkelenstraat 28 - Leuven]
Op zoek naar onze dierlijke ziel / Cobra.be – januari 2010
Waarom zijn we verknocht aan dieren en stiekem wat jaloers op hun mooie pels en onbezonnen leven? Hebben we onze dierlijke ziel verstoten, met alle gevolgen vandien? Bart De Baere – artistiek directeur van het MHKA – geeft tekst en uitleg bij zijn drie favoriete werken uit de tentoonstelling ‘Animism’. De term ‘animisme’ werd eind 19e eeuw bedacht door antropologen om tijdens hun koloniale tochten het gekke gedrag van inboorlingen te verklaren. Door met hun typisch westerse, rationele blik naar ‘die anderen’ te kijken, ontstond er een afstand die sindsdien alleen maar groter geworden is. De moderne mens is helemaal vervreemd van de natuur, van zijn dierlijke instincten en van het magische. Het enige waar we tegenwoordig nog in geloven zijn enen en nullen. De tentoonstelling ‘Animism’ komt dus als geroepen en gaat over de vraag of we ons toch niet te veel vervreemd hebben van onze dierlijke kant.
['Animism' Mhka en Extra city, van 22 januari tot 2 mei 2010]
Sophie Calle – expo in Bozar Brussel / Cobra.be – september 2009
De Franse kunstenares Sophie Calle is schrijfster, narratief kunstenares, militante, fotografe, cineaste en soms zelfs detective. Ze plaatst zichzelf centraal in haar werk, maar speelt ook graag verschillende rollen. (Schijnbaar) toeval, troost, voyeurisme, liefde, tijd, orde uit de chaos, en naaktheid kenmerken haar werk. Sophie Calle verzint haar eigen spelregels om ‘het leven te verbeteren’, en het op die manier structuur en zin te geven. Cineast Marc Didden is al jaren een trouwe fan van Sophie Calle, en leidde mij rond op de tentoonstelling ‘Calle, Sophie’ in Bozar.
Waarom Jean Paul Van Bendegem geen christen is / Cobra.be – december 2009
Af en toe worden klassiekers opnieuw vertaald, opgepoetst, en in een nieuwe jas gestoken. Naar aanleiding van zo’n heruitgave, gaat Cobra.be op zoek naar een cultureel spilfiguur met een zwak voor de klassieker in kwestie. Wetenschapsfilosoof Jean Paul Van Bendegem opent de reeks met een bevlogen betoog voor het essay ‘Waarom ik geen christen ben’. De tekst is een neerslag van een lezing uit 1924 door de charismatische Britse filosoof Bertrand Russell (1872 1970). In het essay zet Russell op sprankelende wijze uiteen waarom hij het Christendom maar niets vindt. Religieuze en ethische gevoelens worden tot op het bot geanalyseerd. Met de nodige humor, maar nooit grof of kwetsend. Een klassiek essay dat nog niets aan actualiteitswaarde heeft ingeboet.
['Waarom ik geen christen ben' Bertrand Russell, Meulenhoff 2009]
Deense horror op de biënnale van Venetië / Cobra.be – juni 2009
Voor de eerste keer in de geschiedenis van de biënnale van Venetië, hebben twee landen de koppen bij elkaar gestoken en een gemeenschappelijke expo gecreëerd. De Noren en Denen hebben hun paviljoens omgebouwd tot twee luxevillas waar een serieuze hoek af is. Onder de noemer ‘The Collectors’ hebben vierentwintig internationale kunstenaars (waaronder ook de Belg Guillaume Bijl) de villas ingericht. De griezelige villa in het Deense paviljoen is zogezegd te koop; je krijgt er een rondleiding door een irritant immorele vastgoedmakelaar. Bij de buren, de Noorse villa, hangen jonge kerels lusteloos rond tussen de kunstwerken van hun vriend en verzamelaar Mr.B. De curatoren Elmgreen en Dragset verkennen met de paviljoens onder meer de obsessieve, intieme, en tegelijkertijd voyeuristische kantjes van (kunst) verzamelen, en de kunstmarkt in het algemeen.
[The Collectors. Elmgreen & Dragset. Deens/Noors Paviljoen. 53e Biënnale Venetië]
Jef Geys vertegenwoordigt België op de Biënnale van Venetië / Cobra.be – juni 2009
Aan de ingang van het Belgisch paviljoen kan je voor 1 euro een speciale editie van het ‘Kempens informatieblad’ kopen. Daarmee is de toon meteen gezet. Jef Geys is de kunstenaar achter het initiatief, en is gekend om het laveren tussen zijn roots en de wijde wereld. De volledige inzending van Jef Geys heet ‘Quadra Medicinale’. Voor dit nieuwe project zochten vier kennissen van Geys twaalf straatplanten in de omgeving van hun huis (New York, Moskou, Brussel en Villeurbanne). Het resultaat is een inventaris van de gewone plant. Het is een paviljoen over instinct, over (hoe te) overleven in de grootstad, een ode aan het gewone. Het Belgische paviljoen in Venetië wordt afwisselend ingevuld door de Vlaamse en Franse Gemeenschap. Dit jaar was het de beurt aan de Vlamingen, waarbij Wiels met curator Dirk Snauwaert de taak op zich nam. Julia was er bij tijdens de opening.
Het fenomeen ‘Uitgelezen’ / Cobra.be – oktober 2009
Uitgelezen is een fenomeen. Vijf jaar geleden begonnen voor vijf man en een paardenkop, sindsdien uitgegroeid tot een literair evenement dat massa’s volk aantrekt. Morgen viert het levende boekenprogramma van kunstencentrum Vooruit en de Morgen zijn honderdste editie. Behalve het jubileum valt er nog meer te vieren: ook Hasselt krijgt een ‘Uitgelezen’. Vanaf volgend seizoen is het evenement dus in alle Vlaamse provincies te zien. De formule is simpel volgens bezieler Peter Van den Eede: een panel bespreekt drie boeken en geeft daarna leestips aan het publiek. De vaste stek is de Gentse Vooruit, maar tijdens de zomer verhuist de ploeg naar Theater Aan Zee. De vaste panelleden Jos Geysels en Anna Luyten krijgen telkens ander gezelschap, in deze aflevering aan zee waren dat politiek hoofdredacteur van De Morgen Yves Desmet en actrice Tine Van Den Brande.
['Uitgelezen', Theater Aan Zee 2009]
Theater ‘Sunday Smile’ door Mars / Cobra.be – augustus 2009
Tien jaar na hun zomer in Frankrijk reconstrueren broer en zus de feiten. Ze praten over vakantie, over schelpen verzamelen en het gevoel van golven tegen je enkels en handen in je nek. Over afscheid en groot worden, over limonade en bloed. Auteur en regisseur Angelo Tijssens, de drijvende kracht achter de overbevolkte eenmansoperatie ‘MARS’, vond inspiratie in de opgewekte melancholie van een plaat van de groep Beirut. Sunday Smile is opgevat als een rockconcert. Elke scène in de tekst is een nummer, met een eigen sfeer, een eigen vorm. Tijs Delbeke (ex-Kawada, Louisa’s Daughter) schreef de soundtrack, Sura Dohnke en Angelo Tijssens vertellen en zingen hun verhaal.
['Sunday Smile' Mars, Theater Aan Zee 2009]
Jong artistiek talent op Watou 2009 / Cobra.be – juli 2009
Met het vertrek van bezieler Gwy Mandelinck leek de poëziezomer van Watou ten dode opgeschreven. Maar het jaarlijkse parcours in en rond het kunstdorp in de westhoek krijgt nu toch een opvolger. Morgen gaat de eerste editie van ‘Watou, Verzamelde Verhalen’ van start. Op het ritme van de zomer brengt dit kunstenfestival verhalen van verschillende curatoren. Een van hen is Hans Martens, artistiek directeur van de kunstinstelling HISK. Onder de titel ‘Polyfonie’, bracht hij het werk van (kandidaat)-laureaten van het HISK samen in de Grenslandhal van Watou. Klara.be ging kijken tijdens de voorbereidingen, en praatte er met de studenten Femmy Otten, André Catalão en Niklaus Rüegg.
[Watou 2009 , Verzamelde Verhalen #1 Tussen Taal en Beeld 04/07/09 - 06/09/09]
Kidnapping mountains in Aalst / Cobra.be – mei 2009
Wat doet een Slaaf, of een Tataar, die zijn hart verloren heeft aan een vrouw, maar geen geld heeft om de bruidsschat te betalen? Hij kidnapt de jongedame, en verschanst zich met haar in de bergen tot de storm gaan liggen is. Bij zijn terugkeer mag hij gewoonlijk wél trouwen. Aan dit romantische ritueel ontleent de tentoonstelling ‘Kidnapping Mountains’ van Slavs & Tatars, zijn titel. Dit jonge internationale collectief is een mengeling van grafisch ontwerpers, journalisten en kunstenaars. Ze willen de ruwe, eerlijke, en soms chaotische ziel van Eurazië, het gebied tussen het voormalige Ijzeren Gordijn en de Chinese Muur, injecteren in het koude, rationele Westen. Hun werk speelt met de clichés over volkeren als de Slaven, Kaukasiërs en Centraal-Aziaten. Julia ging kijken, en praatte er met Piet Mertens (Netwerk), Boy Vereecken en Kasia Korzcak (Slavs & Tatars).
Nikhil Chopra speelt 96 uur lang theater op het Kunstenfestivaldesarts / Cobra.be – mei 2009
Een van de openers van het Kunstenfestivaldesarts, was de bizarre performance van Nikhil Chopra. Deze Indische kunstenaar kroop vier dagen lang in de huid van Yog Raj Chitrakar, een fictief personage dat geïnspireerd is op zijn grootvader, een landschapsschilder. Je kon Yog Raj Chitrakar dag en nacht vinden in de Brusselse Brigitinnekapel, waar hij woonde, at, sliep en de muren vulde met levensgrote tekeningen die getuigen van zijn wandelingen door Brussel. Maandagavond 4 mei 2009 om 19u eindigde de performance in de kapel van Les Brigittines. Julia zocht Nikhil Chopra op tijdens de voorbereidingen, en tijdens de laatste uren van zijn performance.
Nieuw modetalent Julie Dekegeleer / Cobra.be – mei 2009
Julie Dekegeleer is amper 23, net afgestudeerd aan de Brusselse modeschool La Cambre, en één van de geselecteerde ontwerpers van het Fashion Weekend. De zesde editie van deze modewedstrijd van Weekend Knack en Weekend Le Vif /l’Express, vond gisteren plaats op de terreinen van Tour & Taxis in Brussel. Klara.be volgde Julie tijdens de voorbereidingen van haar eerste grote show. Een portret. De winnaar van de wedstrijd was Chen Shao-Yen (27), student Fashion Knitwear aan het Central Saint Martins College of Art and Design in Londen.
Reportage hier
For more look here…
Thank you for watching!
Julia & Clooney
Samen met een paar andere konijnen schrijf ik voor een nieuwe blog op Cobra.be. Nieuwsgierig, aandachtig en met een bereidwilligheid zelden gezien bij proefdieren, stuiven onze vier proefkonijnen door het cultuurlandschap. Hier bloggen ze over wat ze zien, horen én proeven. Hier de eerste:
Ooit gehoord van het serial-image-pop-up syndroom? Het gaat als volgt. Je leert iets nieuws kennen, of loopt al een tijdje rond met een idee, en plots duikt het overal op. Zo’n geile Lamborghini Diablo gezien in een film? Plots staan er twee geparkeerd in je straat. Een paar nieuwe woorden leren kennen? Als bij toverslag heeft iedereen het ad nauseam over geborneerde epigonen met irritante epifaniëen. Bedazzling, maar vooral, angstaanjagend. Want wat zien we allemaal over het hoofd, door niet te kennen?
Maar laat ons eerst en vooral genieten van de momenten waarop ons denkraam wel groot genoeg is. Zo voel en zie ik sinds kort overal oerkrachten. Wilde wezens verscholen in elk van ons. Diepdonkere klanken. Armies of more than twelve monkeys. Mannen die met grizzly’s willen versmelten en (helaas) ook omgekeerd. Een bezoek aan ‘Animism’, een tentoonstelling in het Muhka over onze dierlijke ziel – en vooral, het negeren daarvan – was de vonk.
- Reportage van Julia Barr voor Cobra.be –
De term ‘animisme’ werd bedacht door antropologen om tijdens hun koloniale tochten het gekke gedrag van inboorlingen te verklaren. Door met hun typisch westerse, rationele blik naar ‘die anderen’ te kijken, ontstond er een afstand die sindsdien alleen maar groter geworden is. De moderne mens is helemaal vervreemd van de natuur, van zijn dierlijke instincten en van het magische. We willen met andere woorden geen beesten zijn, maar stiekem verlangen we naar hun onbezonnen leventje, hun mooie veren en hun vrijheid. En daarvan zie ik dus nu overal tekenen.
Behalve in de kunstwereld, die nochtans bij uitstek geldt als het rijk van de sibillijnse drijfveren. Een kunstenaar vertelde me onlangs dat het wereldje absoluut met een tekort aan animisme kampt. Teken aan de wand is het verval van de ‘muze’, de oervrouw van alle kunsten in het oude Griekenland. De negen Musae schonken kunstenaars niet enkel inspiratie, maar ook scheppingskracht. Ze waren een abstracte oerkracht, vertegenwoordigden een soort magie die vandaag weggehoond wordt door de postmoderne kunstenaar (als je zegt dat je een muze hebt, denken ze gewoon dat je haar eens flink wilt neuken). Kunstenaars zijn cynisch en extreem materialistisch geworden, besloot de kunstenaar diep treurig, maar strijdvaardig.
Tot zover de kunstwereld. Over naar Grizzly man, een documentaire van de fantastische Werner Herzog over de onfortuinlijke berentripper Timothy Treadwell. De man leefde vele zomers lang tussen de grizzly’s, een van de meest bloeddorstige diersoorten ter wereld. Om hen te beschermen tegen de vijand, de mens. Treadwell vatte zijn animisme-missie nogal enthousiast op, zoals een goede Amerikaan betaamt. Hij kroop in hun nesten, aaide hen over de rug, en dacht dat hij zelf een beer was, dat ze hem als een van hen aanvaardden. Tot op het moment dat ze hem verscheurden. Pure liefdeswaanzin. Het verlangen dat hem tot in de muil van een grizzly dreef, was een verlangen naar een ander leven, ver weg van alle menselijke dingen.
Ik dacht vroeger ook altijd dat dieren me begrepen, en bleef het zelfs geloven na een ontmoeting met een krabbekat, maar tot in een muil van een grizzly heeft het me gelukkig nooit gedreven. Treadwell was – denk ik – dan ook extreem ijdel en daardoor zwaar teleurgesteld in de medemens die hem niet de erkenning gaf die hij meende te verdienen. Dus echt veel medelijden heb ik niet met Timothy Treadwell, eerder met de grizzlyberen die hun rust verstoord zagen door een jeremiërende misantroop. Beestachtigheid overal dus, zelfs in het diepst van mijn gedachten. Het syndroom heeft me flink te pakken.
Last September, threegirls travelled to Egypt. Some sweet Egyptian friends guided them around Cairo, which is a disaster of a city. Too many cars, too much hassling, and not a single (green) space to give your bottom a rest. After four days, threegirls had to sweat out Cairoan stress far far away from the smog and the hooting. So they went to the Sinai desert, where the stars are plenty and the camels smirk. Sho-kran Sinai!
This map may help you to travel around my portfolio. It is highly recommended to deviate from the highlighted path. You can cross borders, go back and forth, run round in circles, take pictures, or a nap, do anything you want. Except littering and peeing! Here you’ll find a bigger version. Here, you’ll find the dull version.
Last week, I visited the city which once was the terminus of the infamous Orient-Express. Historically seen, Istanbul is one of the most intriguing cities in the world. Its first name was Byzantium, named after king Byzas who settled his troops “where the Bosphorus and the Golden Horn meet and flow into the Sea of Marmara”, by order of the Oracle. Yes it was that simple at that time. In 330, emperor Constantine relocated the capital of the Roman Empire from Rome to Byzantium, which became Constantinople. The city blossomed sumptuously in the cultural, economic and religious field (while our regions were shaded by the dark Middle Ages). As a consequence, Constantinople got attacked many times by jealous neighbours, until in 1453 the Ottoman sultans came off best and conquered the city. They plopped down minarets everywhere, turned the Hagia Sophia into a mosque, and built the luxurious Topkapi Palace with its huge harem and treasuries full of jewelry. The city became the world centre of the Islam, until Mustafa Kemal aka Atatürk chased the Ottoman Sultans (and the Allies) off after World War I. In 1923 Atatürk formed (and reformed) Turkey. As an admirer of the Age of Enlightenment, Atatürk wanted to transform the ruins of the Ottoman Empire into a modern, democratic, secular, nation-state. The principles of his reforms continue to form the political foundation of modern Turkey. Due to its dazzling history, Istanbul became a blend of Turkish, Anatolian, Ottoman (in itself a mix of Greco-Roman and Islamic cultures) and Western culture and traditions. And this seems to do a human good, because Turkish people are incredibly friendly & welcoming to foreigners. Warmly recommended.
Below already some views, more photos here.
(drawing by Suzy Creamcheese, evolutionary study by Julia Barr and published in JBScience 2007)
Gini Rose Choupay evolved excruciatingly slowly from a strange mammalian rabbitish fish into a much stranger mammalian bird. Her genes differ from what most scientists expect to be typical of a human being. Her brain-genes, for example, seem to burden her with a lot of strange quirks. One of these is her urge to endlessly compare human beings with animals, appearance- and behavior-wise. Likely, it has to do with the fact she replaces her parents – who she never knew – by dogs. You can read Gini Rose’s full fizzy story here.
Gini Rose also wants to congratulate Charles Darwin with his bicentennial anniversary today. She likes the way Darwin’s controversial theory of human evolution from an ape-like ancestor, inspired many artists (like Odilon Redon), often in dark and fantastic ways.
Vrij Nederland (Week 6 -2009) published an interesting article about why Darwin was less Darwinist than most people assume. In his ‘Decent of Man’, he allayed our fears for being pinned down to our genes only. It’s not all in the genes, even Darwin said. There is some play area too. Human beings for example, are a lot more altruistic than animals, even if that’s not always a good thing for the evolution of the human species. Nature shakes the cards and makes it all thrilling, but nurture is the crucial player when it comes down to shaping a person. Phew.
De Nederlandse graecus, schrijver en poëet Ilja Leonard Pfeijffer wordt hier en daar hartgrondig gehaat, of minstens blauw beërgerd. Omwille van zijn uitdagende blik, zijn ‘kom maar op, ik ben gek op duels’, zijn vervaarlijk wapperende haren, zijn schijnbare immuniteit voor frustraties, zijn intelligentie. Hij haalt gevestigde waarden als Harry Mulisch en Rutger Kopland grinnikend onderuit, maar geen krabbekat die inziet dat hij het allemaal niet zo genadeloos bedoelt. Sterker nog, Pfeijffer is de gemoedelijkheid zelve. Uit zijn ‘omarmen van strijdmakkers’ klinkt genegenheid. Pfeijffer kraakt andere dichters niet willekeurig af omdat hij een pesterig jongetje is dat zonodig wil opvallen (kwade conculega’s schilderen hem graag zo af), hij speelt een spel (met een serieuze inzet, dat wel). Maar het is uit liefde. Uit liefde voor een potje stevige neuronale catch-as-catch-can, uit liefde voor de poëzie.
Een interview met hem kan je hier lezen en bekijken.
(illustratie: Gini Rose Choupay)
When I saw this image of Pablo Picasso and Lee Miller (taken just after World War II), I was inspired.
Especially the word ‘battledress’ got me drawing.

After searching for some battle shapes in my moodboard..

…the font ‘Battledress’ was born.

Battledress in the field:

…